line
not always transparent-1

Europese Ombudsman benadrukt het belang van internationale antirookverdrag FCTC

vrijdag 09 april 2021

De Europese Ombudsman, Emily O’Reilly, heeft in een speech nogmaals benadrukt hoe belangrijk het is dat de Europese Unie het internationale antirookverdrag FCTC respecteert en openheid geeft over de contacten die de EU met de tabaksindustrie heeft.

Door de webredactie

Inmiddels hebben meer dan 180 landen het internationale antirookverdrag FCTC ondertekend. Nederland deed dat al in 2005, net als andere Europese lidstaten en de Europese Unie als geheel. Met dat unieke verdrag beloven landen de bepalingen die erin staan zo veel mogelijk te implementeren in eigen wetgeving. Een van die bepalingen is het artikel 5.3 waarmee de landen beloven de tabaksindustrie op afstand te houden als ze nieuw antirookbeleid maken.

In een speech die de Europese Ombudsman Emily O’Reilly op 24 maart heeft gegeven, heeft zij nog eens benadrukt hoe belangrijk dat artikel is. Het FCTC-verdrag is onder meer gebaseerd op het principe dat er een fundamenteel en onoverbrugbaar conflict zit tussen de belangen van de tabaksindustrie en de volksgezondheid. “Als Europese Ombudsman heb ik het mandaat om te onderzoeken wat goed en slecht bestuur is,” zei O’Reilly. “Als er geheim of onoorbaar contact tussen de vertegenwoordigers van de EU en de tabaksindustrie is geweest, is dat een reden voor mij om een onderzoek in te stellen.”

Klacht van lobbywaakhond

In 2014 deed ze dat al na een klacht van de Europese lobbywaakhond Corporate Europe Observatory (CEO). Volgens CEO overtrad de Europese Commissie het FCTC-verdrag doordat ze niet transparant was over de contacten die ze onderhield met de tabaksindustrie. Pas na Wob-verzoeken kwam daar enige duidelijkheid in, maar de Commissie deed zelf niets om actief openheid van zaken te geven. Volgens het FCTC-verdrag is dat juist heel belangrijk.

Een jaar later concludeerde de Ombudsman dat de EU inderdaad niet transparant was over contacten met de industrie. De Commissie legde die conclusie naast zich neer en beloofde geen beterschap. Eind 2016 kwalificeerde O’Reilly deze gang van zaken zelfs als ‘wanbeheer’ en riep de Commissie opnieuw op om actie te ondernemen.

Er is weinig veranderd

In haar speech van 24 maart concludeert O’Reilly dat er nog weinig is veranderd. “Wat toen gold, geldt nu nog steeds.” Maar, er is hoop. “Ik was blij te zien dat SD TAXUD (het Europese departement dat over belastingen gaat – red.) nu is begonnen met het bijhouden van aantekeningen over hun ontmoetingen met de tabaksindustrie en die ook openbaar maakt. Dat laat zien dat verandering tijd en doorzettingsvermogen nodig heeft.”

Lobbywaakhond CEO wees Nederland onlangs nog aan als voorbeeld in het openheid geven over contacten met de tabaksindustrie. Sinds 2016 publiceert de overheid hier uit eigen beweging brieven, e-mails, samenvattingen van ontmoetingen en telefoongesprekken op de website van de rijksoverheid. Dit transparantieregister is er gekomen nadat Rookpreventie Jeugd de staat voor de rechtbank daagde omdat die de bepalingen van het FCTC-verdrag aan zijn laars lapte.

Lobbyleger staat klaar

O’Reilly: “Ten slotte wil ik benadrukken dat transparantie over de tabakslobby geen kwestie van beleid is, maar een verplichting die voortvloeit uit een internationaal verdrag dat de EU heeft ondertekend.”

Die verplichting geldt ook in Nederland en ook, zoals het verdrag voorschrijft, voor alle overheidsorganen, van ministeries en uitvoeringsorganen tot aan het parlement.

tags:  Europese Commissie | Europese tabaksrichtlijn | FCTC-verdrag | Ombudsman | tabakslobby | Transparantieregister