line
adviesorgaan eu spreekt taal van tabakslobby-1

Adviesorgaan EU spreekt taal van tabakslobby

Dossier: Lobby in Europa

donderdag 12 maart 2026

Een advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité over de herziening van de Tabaksaccijnsrichtlijn benoemt alle argumenten die de tabakslobby ook tegen het voorstel aanvoert. Pogingen van een EESC-lid om het advies meer in balans te brengen strandden allemaal.

Door de webredactie 

In een advies van het Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC) aan de Europese Commissie (EC) van 18 februari over de herziening van de Tabaksaccijnsrichtlijn (TED) klinkt luid en duidelijk de lobby van de tabaksindustrie door. Alle argumenten die de lobby steeds opnieuw aanvoert tegen het herzieningsvoorstel van de EC, zijn in het advies terug te lezen.

Het EESC is een Europees adviesorgaan en de stem van het georganiseerde maatschappelijk middenveld in Europa, vergelijkbaar met de Nederlandse Sociaal Economische Raad (SER). In het EESC zijn organisaties van werkgevers, werknemers en maatschappelijke organisaties uit alle 27 EU-lidstaten vertegenwoordigd. De EESC stelt op de eigen website dat “de expertise van haar 329 leden helpt de kwaliteit van EU-beleid en wetgeving te optimaliseren.”

Van optimaliseren is in het geval van het advies over de herziening van de TED alleen sprake vanuit het perspectief van de tabaksindustrie. Het advies stelt onder meer “dat de hervorming evenredig, voorspelbaar en economisch houdbaar moet blijven” en “waarschuwt dat abrupte of buitensporige verhogingen van accijnzen het risico inhouden dat de illegale handel wordt aangewakkerd, de belastinginkomsten worden ondermijnd en de resultaten op het gebied van volksgezondheid worden verzwakt.” Een derde aanbeveling stelt dat de accijnzen “in verhouding staan tot het risico, waarbij ervoor wordt gezorgd dat niet-brandbare producten en producten met een verminderd risico niet hetzelfde worden belast als brandbare tabaksproducten.”

Argumenten van de tabakslobby

Deze argumenten zijn rechtstreeks terug te vinden in de opinies die de tabakslobby overal waar zij kan probeert te verspreiden. Ook de aanbevelingen om rekening te houden met de economische betekenis van de sector en de werkgelegenheid die zij biedt is een argument dat de tabakslobby de laatste tijd steeds luider laat doorklinken, waarbij de schade aan economie en samenleving voor het gemak onbenoemd blijft.

De toelichting bij de aanbevelingen begint met twee opmerkelijke uitgangspunten. Ten eerste benadrukt het EESC “dat de beginselen inzake evenredigheid en fiscale neutraliteit in acht moeten worden genomen bij de herziening en dat verstoringen en onevenredige economische gevolgen voor de Europese productieketens moeten worden vermeden.” En het tweede uitgangspunt luidt: “Hoewel het EESC de toezegging om het tabaksgebruik terug te dringen ten volle onderschrijft, benadrukt het dat belastingheffing niet het enige, noch het belangrijkste instrument kan zijn om dit doel te bereiken.”

Dat is bepaald niet wat de Wereldgezondheidsorganisatie daarover zegt. Die stelt dat de 1,6 miljoen doden elk jaar door tabaksgebruik in de WHO-regio Europa (53 landen in Europa en Centraal-Azië) vragen om een stevig accijnsbeleid. De organisatie schrijft op de website dat terwijl altijd een combinatie van maatregelen nodig is om de tabaksepidemie te bestrijden, “verhogingen van tabaksaccijns erom bekendstaan het tabaksgebruik sneller te verminderen dan welke andere enkele maatregel dan ook. Belastingheffing is daarom een cruciaal instrument in de poging om een tabaksvrij Europa te bereiken.”

Amendementen bekritiseerd

Het verslag van de plenaire discussie van het EESC over dit advies op 18 februari laat zien dat elke poging om het advies te voorzien van nuances en aanpassingen die het meer in balans met gezondheidsargumenten zouden brengen geen schijn van kans had. Andris Gobiņš, voorzitter van de Europese Beweging in Letland en EESC-lid in de groep Maatschappelijke organisaties, stelde zo’n twintig amendementen voor. Allemaal voorstellen om aan de tekst opmerkingen over ontmoediging van tabaks- of vape-gebruik toe te voegen of juist passages te schrappen die duidelijk in het voordeel van de industrie zijn.

Gobiņš werden daar kennelijk verwijten over gemaakt, want het verslag maakt er melding van dat EESC-president Séamus Boland “en verschillende leden hun solidariteit uitspraken met een lid van de Commissie die onder druk stond vanwege het indienen van amendementen, en benadrukten dat elk EESC-lid zijn rol kan vervullen zonder bedreiging voor zijn integriteit en onafhankelijkheid.” In het verslag is te zien dat Gobiņš al zijn amendementen weer introk om ze vervolgens met 33 andere leden van de groep Maatschappelijke organisaties gezamenlijk opnieuw in te dienen.

Twee opvallende amendementen

Het meest in het oog springt daarbij Gobiņš’ Amendement 14, dat vervolgens als gezamenlijk ingediende Amendement 37 terugkwam. Daarmee probeerde Gobiņš te voorkomen dat het EESC-advies pleit voor een lager minimum accijnstarief ten opzichte van het voorstel van de EC. In plaats van een minimumtarief van 215 euro per 1.000 sigaretten, zoals de EC wil, adviseert de EESC een minimumtarief van 155 euro per 1.000 sigaretten. Gobiņš probeerde dat lagere tarief uit het advies te halen, maar dat voorstel werd met 187 tegen 43 stemmen en 18 onthoudingen afgestemd.

In Amendement 15 (later Amendement 38) probeerde Gobiņš te voorkomen dat in de tekst accijnsverhogingen in Frankrijk en Nederland in verband worden gebracht met een toename van illegale handel. De Let probeerde te voorkomen dat in het advies wordt gesteld dat bij de in het EC-voorstel opgenomen “excessieve accijnsverhoging” een totaal verlies van 15,5 miljard euro is te verwachten als het een groei van de illegale handel van 5 procent teweegbrengt. Gobiņš stelde daar een tekst tegenover die stelt dat Zweden en andere lidstaten hebben laten zien hoe het gebruik van de meest schadelijke tabaksproducten kan worden gestopt. “Verbeteringen in gezondheid – kankerbehandeling, hogere levenskwaliteit, enzovoort – zijn aanzienlijk en zouden breder moeten worden verspreid.” Dat voorstel sneuvelde met 188 tegen 44 stemmen en 16 onthoudingen.

‘Zweeds succes’ toegevoegd

Probeerde Gobiņš door Zweden expliciet te noemen de leden die gevoelig zijn voor de argumenten van de tabaksindustrie voor zich te winnen? Het ‘Zweedse succes’ is al geruime tijd een misleidend narratief van de tabaksindustrie, die het doet voorkomen alsof in Zweden zo weinig wordt gerookt omdat daar snus is toegestaan en nicotinezakjes er populair zijn. De werkelijkheid is dat Zweden al sinds de jaren 60 van de vorige eeuw een samenhangend tabaksontmoedigingsbeleid voert.

Des te opmerkelijker dat een amendement dat aanvankelijk werd ingediend door de rapporteur van dit advies, Matteo Borsani, en later door de gehele groep Werkgevers werd overgenomen, precies dit Zweedse succes-narratief toevoegt aan de tekst. Amendement 5 (later 30) voegt aan een tekst die lagere accijns voor minder schadelijke producten bepleit de volgende passage toe:

“Lagere tarieven voor nicotinezakjes zonder tabak in Zweden hebben ervoor gezorgd dat de rookincidentie is gedaald tot 5,4%, het laagste in de EU. Het voorstel van de Commissie om een minimumtarief van € 143 per kg vast te stellen is onevenredig en weerspiegelt niet het verminderde risicokarakter van deze categorie binnen het accijnskader.”

Nog opmerkelijker dan dat: dit amendement is door de vergadering unaniem aangenomen.

De lobby jubelt

Het resultaat van de beraadslagingen is een advies dat volledig de argumentatie van de tabaksindustrie tegen het voorstel van de EC voor de herziening van de Tabaksaccijnsrichtlijn volgt. Wat vervolgens door de lobby weer wordt aangegrepen om de Europese besluitvorming verder te beïnvloeden. Niet alleen werd het advies breed uitgemeten door nieuwssite EU Reporter, waarvan al vaker is aangetoond dat dit medium de stem van de tabakslobby uitdraagt, maar ook de World Vapers’ Alliance, een frontorganisatie van de tabaksindustrie, jubelde dat Europa’s eigen adviseurs nu ook het principe ‘minder schade, minder belasting’ ondersteunen. En op LinkedIn werd EU Reporter’s verhaal gedeeld door Quit Like Sweden, ook een frontorganisatie van de industrie.

Europese politici moeten beseffen dat een voorbeeld als dit EESC-advies laat zien hoezeer de tabakslobby op vele fronten tegelijk haar invloed doet gelden, tegen de bepalingen van artikel 5.3 van het Kaderverdrag inzake tabaksontmoediging van de Wereldgezondheidsorganisatie in. Dat artikel zegt immers dat de besluitvorming rond tabaksbeleid vrij moet gebeuren van elke beïnvloeding door de tabaksindustrie. Bij het EESC heeft de tabakslobby vooralsnog genoeg ingangen, zo blijkt.

Op de hoogte blijven van al het nieuws over de tabakslobby in Europa? Meld je aan voor de tweewekelijkse nieuwsbrief van TabakNee.

tags:  vape-lobby | Europese Commissie | EESC | TED | Zweeds Model | tabakslobby | lobby in Europa