Aantal vrouwen met longkanker varieert per gemeente, hoe zou dat komen?

dinsdag 22 december 2015

OPINIE

Uit onderzoek van het Integraal Kanker Centrum Nederland (IKNL) blijkt dat er grote verschillen zijn tussen gemeenten in het aantal vrouwen dat longkanker krijgt. In de Noord-Brabantse gemeente Rucphen bijvoorbeeld krijgen vrouwen meer dan acht keer vaker longkanker dan in Bergambacht en Winsum. Onduidelijk is wat de oorzaak hiervan is, het onderzoek geeft hier geen uitsluitsel over.
Door Frits van Dam

De gemeente Rucphen ligt vlakbij Rozendaal, een dorp met nog geen vijfduizend inwoners te midden van heide en bos. Toch is dit het dorp waar ten opzichte van andere gemeenten vrouwen het vaakst de diagnose 'longkanker' krijgen. Dat blijkt uit onderzoek van het Integraal Kanker Centrum Nederland (IKNL) dat cijfers over het voorkomen van kanker per gemeente destilleerde uit de Nederlandse Kankerregistratie. Dit is een landelijke en onafhankelijke databank met gegevens van alle patiënten met kanker in Nederland.

Forse toename vrouwen met longkanker

Het aantal vrouwen met longkanker is de afgelopen jaren extreem toegenomen. Volgens IKNL komen er tegenwoordig jaarlijks 11.910 nieuwe longkankerpatiënten bij van wie 43 procent vrouw is. In 1990 was het aantal vrouwen die deze diagnose kregen nog 16 procent.

IKNL constateerde ook dat er grote verschillen per gemeente zijn in de hoeveelheid longkankerdiagnoses bij vrouwen waar dat bij mannen veel minder het geval is. Een verklaring voor de verschillen geeft het IKNL niet, maar in het begeleidend persbericht zegt het centrum: 'Het aantal gevallen van longkanker is gerelateerd aan regionale variatie in rookgedrag in het verleden. De patiënten van nu zijn de rokers van twintig tot dertig jaar geleden. Helaas zijn er tegenwoordig nog steeds omvangrijke verschillen in het aandeel rokende vrouwen per gemeente.'

Laagopgeleid

De enige logische verklaring voor de regionale verschillen is de samenstelling van de bevolking in sociaaleconomische status (SES). Onder mensen met een lage opleiding zijn, zo blijkt, nu eenmaal meer rokers dan onder mensen met een hoge. Maar het IKNL heeft de genoten opleiding niet in haar analyse betrokken.

Het IKNL concludeert dat landelijke informatiecampagnes kennelijk niet alle doelgroepen bereiken en dat de sterk regionale verschillen om een lokale aanpak van tabaksverslaving vragen. Maar meer voor de hand ligt te concluderen dat de bevolkingssamenstelling qua sociaaleconomische status sterk per regio verschilt en dat dit zijn weerslag heeft op het tabaksgebruik. Dat geldt zowel voor mannen als voor vrouwen en is op zich niets nieuws.

RTL Nieuws maakte een kaart waar de cijfers per gemeente te zien zijn, bekijk die hier.

HOE IS HET ONDERZOEK TOT STAND GEKOMEN? Deze vraag stellen we aan het IKNL. Een persvoorlichter laat per e-mail het volgende weten: 'Er ligt geen onderzoeksrapport aan ten grondslag: de cijfers zijn gebaseerd op data in de Nederlandse Kankerregistratie (NKR) en zijn als volgt tot stand gekomen.De concrete cijfers per gemeente is de ESR (Europese standaard populatie). Dat cijfer betreft het aantal diagnoses binnen een bepaald jaar, per 100.000 inwoners, na standaardisatie voor bevolkingsopbouw. We hebben de aantallen in de jaren 2010-2013 opgeteld, maar voor de ESR gedeeld door 4 (2010-2013 betreft 4 jaar). Als je dit cijfer vermenigvuldigt met de levensverwachting krijg je een schatting van de 'life-time risk', de kans op het krijgen van longkanker (onder de assumptie dat het rookgedrag niet wijzigt). Gemeenten met te weinig inwoners zijn buiten beschouwing gelaten om toevalsbevindingen te vermijden. Voorbeeld Ameland of Schiermonnikoog.

Bij mannen is de levensverwachting 79.1 jaar, bij vrouwen 82.8 jaar. Landelijk is de ESR bij mannen 67/100.000. Als we dat vermenigvuldigen met 79 kom je op 5,3% van de bevolking. Bij vrouwen is de ESR 43/100.000. Als we dat vermenigvuldigen met 83 kom je op 3,6% van de bevolking.

RTL presenteert vanavond de cijfers per gemeente. Het gaat overigens niet alleen over Rucphen! Die gemeente scoort slecht zowel bij mannen als vrouwen maar de verschillen tussen gemeenten in het algemeen zijn groot. [...] Het antwoord op de vraag naar het waarom, is duidelijk: er wordt meer gerookt in de gemeenten die slecht scoren en weinig gerookt in gemeenten die goed scoren.

Longkankerpatiënten van nu zijn de rokers van 20-30 jaar geleden. De rokers van nu blijken ook de rokers van toen. Zo zeggen ook de statistieken (gemeentelijke gezondheidsprofielen op deze site). Samen met Trimbos heeft IKNL uitgezocht dat deze gemeentelijke gezondheidsprofielen gebaseerd op de Gezondheidsmonitor Volwassenen van GGD'en, CBS en RIVM in combinatie met de NKR-data (www.cijfersoverkanker.nl) dat onderbouwen en dus de basis bieden voor lokaal tabaksbeleid.'

 

tags:  gezondheidsschade | longkanker | onderzoek | volksgezondheid