Roken en armoede: een vicieuze cirkel
woensdag 26 augustus 2026
Roken is niet alleen een gezondheidsprobleem, maar ook een aanjager van armoede, concluderen twee onlangs verschenen Britse rapporten. Roken wordt daarom in toenemende mate ook een probleem voor sociale rechtvaardigheid.
Door de webredactie
Twee recente rapporten laten zien dat roken in het Verenigd Koninkrijk steeds meer een probleem van de allerarmsten is geworden: de rookprevalentie in de armste wijken ligt 2,5 keer hoger dan in de rijkste. Tabaksuitgaven duwen bijna 1,4 miljoen huishoudens in armoede, of nog dieper daarin. De tabaksindustrie speelt hier bewust op in, met lage prijzen en veel verkooppunten in achterstandswijken.
In mei publiceerde het Royal College of Physicians (RCP), de Britse beroepsvereniging van artsen, het rapport Smoking, health and social justice. Een maand later volgde antirook-ngo Action on Smoking and Health (ASH) met het rapport Ending smoking inequality, met daarin economische cijfers van onderzoeksbureau Landman Economics. Beide onderzoeken concluderen dat er sprake is van een toenemende gezondheidskloof.
Rijkste wijken veel eerder rookvrij
Het ASH-rapport laat zien wat roken kost in wijken waar mensen het al moeilijk hebben. In de meest achtergestelde gebieden van Engeland roken er 2,5 keer zoveel mensen als in de meest welgestelde. Bij het huidige tempo van daling van het aantal rokers wordt dat verschil zeker niet kleiner: de rijkste wijken zijn naar verwachting binnen vijftien jaar vrijwel rookvrij, terwijl er in de armste wijken dan nog zo’n half miljoen mensen roken.
Roken maakt 400.000 gezinnen arm
Roken jaagt mensen (verder) de armoede in. Het rapport onderscheidt twee groepen: mensen die in armoede terechtkomen door roken, en mensen die al arm zijn en door te roken nog armer worden. Naar schatting komen 417.000 huishoudens, waaronder 137.000 met kinderen, door hun tabaksuitgaven ín armoede terecht.
Bijna 1 mln. dieper in armoede
Nog eens 955.000 huishoudens zaten al onder de armoedegrens en worden er dieper in geduwd. Rokers bezoeken bijna drie keer zo vaak een voedselbank als mensen die nooit hebben gerookt, en een kwart van hen sloeg vorig jaar een maaltijd over uit geldgebrek.
Ook in opleidingsniveau zit een groot verschil. Blijft het tabaksbeleid ongewijzigd, dan halen hoogopgeleiden het Britse streefdoel (minder dan 1 procent rokers in 2040) al in 2033. Voor mensen zonder diploma duurt dat naar verwachting tot 2062 – 29 jaar later!
Meeste rokers in kwetsbaarste groepen
Het RCP-rapport gaat een stap verder en laat zien hoe die ongelijkheid in stand blijft. In Blackpool, een van de armste steden van het VK, rookt bijna 20 procent van de inwoners, tegenover 4 procent in het welvarende Woking. Bij de kwetsbaarste groepen loopt dat nog verder op: onder daklozen en mensen met ernstige psychische aandoeningen ligt de rookprevalentie tussen de 40 en 80 procent.
Daarbovenop bestaat er een ‘verborgen populatie’ van naar schatting 1,9 miljoen kwetsbare volwassenen, onder wie daklozen en gedetineerden, met een rookprevalentie tussen de 58 en 68 procent – mensen die in officiële statistieken vaak niet worden meegeteld.
Meer tabakswinkels in arme buurten
Ook via verkooppunten en marketing richt de industrie zich op kwetsbare groepen. Er zitten meer tabakswinkels in achterstandswijken dan in welgestelde buurten en jongeren in wijken met veel verkooppunten lopen een grotere kans om te gaan roken. Op social media promoot bijna de helft van de tabak-gerelateerde Instagram-posts producten namens de industrie zelf, vaak via marketing die inspeelt op thema’s als gelijkheid en inclusie – om specifiek gemarginaliseerde groepen aan te spreken.
Gemiddelden geven vertekend beeld
Beide rapporten laten zien dat de gemiddelde cijfers over de daling van het aantal rokers in het VK – net als in Nederland – verhullen wat er werkelijk gebeurt: roken verdwijnt bij de welgestelden, terwijl mensen die het al moeilijk hebben juist blijven of beginnen met roken. Hier is een duidelijke vicieuze cirkel te zien: armoede maakt mensen vatbaarder voor roken, roken maakt mensen armer.
Geen minimumprijs voor tabak
De tabaksindustrie buit dat mechanisme actief uit met prijsstrategie, verkooppunten en marketing. Anders dan in Nederland kent het VK geen minimumprijs voor tabak: fabrikanten bepalen zelf de prijs boven op de accijns en verdelen hun merken in segmenten, van premium tot ‘ultra-low price’. Bij elke accijnsverhoging gaat de prijs van dure tabaksmerken flink omhoog, terwijl goedkope merken nauwelijks duurder worden. Zo blijft er voor prijsgevoelige rokers altijd een goedkoop alternatief, waardoor zij bij prijsstijgingen overstappen op een goedkoper merk in plaats van te stoppen.
Ingrepen die de industrie raken
Zowel het rapport van het Royal College of Physicians als dat van Action on Smoking and Health pleit niet alleen voor meer stopzorg, maar ook voor ingrepen die de industrie raken: een minimumprijs voor tabak, minder verkooppunten en strengere regels voor onlinemarketing. Zonder zulk beleid blijft roken vooral een probleem van de armsten en wordt de kloof tussen arm en rijk, ook in gezondheid, alleen maar groter.
Lees ook:
Opleidingsniveau sterk bepalend voor rookgedrag
Zonder nieuw tabaksbeleid blijft gezondheidskloof bestaan
Kankeratlas: meer longkanker in armste gebieden





Stichting Rookpreventie Jeugd is geregistreerd als Algemeen Nut Beogende Instelling (RSIN: 820635315 | KvK: 34333760).