Grote invloed tabakslobby op Franse parlementsleden
dinsdag 13 januari 2026
Op basis van gesprekken met een aantal Franse volksvertegenwoordigers, concluderen onderzoekers dat parlementariërs niet voldoende op de hoogte zijn van de beschikbare wetenschappelijke kennis over effectief tabaksbeleid en hun oor vooral te luisteren leggen bij de tabakslobby.
Door de webredactie
Hoewel Franse parlementariërs op de hoogte zijn van de gezondheids- en economische risico’s van roken, volgen ze in hun opvattingen over de beste manieren om het roken tegen te gaan vaak niet de beschikbare wetenschappelijke kennis daarover. Dat blijkt uit onderzoek dat in december is gepubliceerd in het tijdschrift Tobacco Prevention & Cessation. De studie benadrukt met name een neiging om maatregelen te nemen die door de literatuur als ineffectief worden beschouwd. Verder zien de onderzoekers in de redeneringen van parlementsleden een sterke echo van argumenten van de tabaksindustrie tegen accijnsverhogingen en een zorgwekkende afhankelijkheid van tabakswinkeliers als bron van expertise, ten nadele van volksgezondheidsprofessionals.
De studie werd uitgevoerd door onderzoekers van de Universiteit van Rennes en het Comité Nationale Contre le Tabac (CNCT), met medewerking van tabaksonderzoeker Janet Hoek van de Universiteit van Otago in Nieuw-Zeeland. Tussen maart en juni 2022 werden 25 Franse parlementsleden, onder wie 17 senatoren en 8 leden van de Nationale Vergadering, geïnterviewd om een beeld te krijgen van hun percepties over tabaksbestrijding en de actoren die als legitiem worden beschouwd om hen te informeren bij beleidsbeslissingen.
Beperkte kennis schadelijkheid tabak
Alle geïnterviewde parlementariërs konden de schadelijke effecten van tabak op de gezondheid benoemen, waarbij ze spontaan ernstige ziekten zoals kanker en de risico’s van meeroken noemden en ook de verslaving die gepaard gaat met tabaksgebruik. Ook is er sprake van enig begrip van de sociale en economische kosten die roken met zich meebrengt, met name op het gebied van zorguitgaven en sociale ongelijkheid. Ongeveer de helft van de deelnemers noemde deze aspecten expliciet tijdens de interviews, waarbij wordt aangetekend dat veel van deze parlementariërs lid waren van de commissie Sociale Zaken, die verantwoordelijk is voor gezondheidskwesties.
Maar de kennis over de gezondheidsrisico’s blijkt lang niet altijd in overeenstemming met de wetenschappelijke consensus daarover. Bijna een derde van de geïnterviewde parlementsleden bagatelliseerde tegelijkertijd de omvang van de risico’s van tabaksgebruik, bijvoorbeeld bij een laag dagelijks gebruik van één sigaret per dag. Dat laat zien dat, ondanks een algemeen bewustzijn van de negatieve gezondheidsgevolgen, ook onder politieke besluitvormers vertekende inzichten blijven bestaan. Bovendien worden ook door volksvertegenwoordigers sigaretten en andere tabaksproducten – zoals sigaren – geassocieerd met plezier, gezelligheid of culturele zaken.
Tabak niet het urgentste probleem
Deze misvattingen beïnvloeden direct de beoordeling van het volksgezondheidsbeleid, schrijft Génération sans tabac op basis van het onderzoek. Ze zorgen ervoor dat tabak niet als het meest urgente probleem wordt gezien, wat mogelijk bijdraagt aan de terughoudendheid van sommige parlementariërs om krachtigere antirookmaatregelen, gebaseerd op stevig wetenschappelijk bewijs, volledig te steunen. Minder verstrekkende maatregelen worden dan verkozen boven beleid dat wordt geschraagd door wetenschappelijke gegevens.
Op de vraag om de beleidsmaatregelen te identificeren die zij het meest effectief achtten in de strijd tegen tabaksgebruik, bleek ongeveer de helft van de geïnterviewde parlementariërs te kiezen voor massamedia-informatiecampagnes en educatie als middel om het roken terug te dringen. Deze maatregelen worden gezien als sociaal acceptabel en politiek gemakkelijk te promoten, maar wetenschappelijke literatuur benadrukt hun beperkte effectiviteit als ze geen deel uitmaken van een breder, coherent en gecoördineerd beleidspakket. Op zichzelf staande communicatiecampagnes hebben over het algemeen slechts een bescheiden effect op de rookprevalentie in vergelijking met veel effectievere prijsverhogingen of sterk verminderde beschikbaarheid.
Kennis wordt niet omgezet in beleid
Er waren ook parlementariërs die de voordelen van accijnsverhoging erkenden, waarbij sommigen pleitten voor aanzienlijke en regelmatige verhogingen. Maar die erkenning wordt vaak niet omgezet in politieke actie door de argumenten die tabaksbedrijven en -retailers verspreiden over de vermeende groei van de zwarte markt als gevolg van prijsverhogingen. Bijna een derde van de parlementsleden geloofde dat alleen kleine accijnsverhogingen wenselijk waren om negatieve economische gevolgen te voorkomen, terwijl een vergelijkbaar percentage vond dat alleen substantiële verhogingen konden leiden tot een echte vermindering van het roken.
Ongeveer een kwart van de gesproken parlementsleden had ook het idee dat de gezondheidswaarschuwingen op tabaksverpakkingen geen gedragseffect hebben. Terwijl internationaal onderzoek juist aantoont dat grafische waarschuwingen een belangrijke preventieve functie hebben voor niet-rokers en rokers helpen na te denken over stoppen.
Sterke invloed van de tabakslobby
Een van de zorgwekkendste bevindingen van de studie, volgens de auteurs, ligt in de voortdurende sterke invloed van de argumenten van de tabaksindustrie en haar bondgenoten, met name tabakshandelaren, op de politieke opvattingen en redenering van de geïnterviewde parlementariërs. Een grote meerderheid van hen neemt expliciet of impliciet de argumenten over die traditioneel door de industrie worden gebruikt om de effectiefste antirookmaatregelen te bestrijden, vooral belastingverhoging op tabaksproducten. Deze argumenten richten zich op het vermeende risico van uitbreiding van de illegale markt, de economische impact op tabakshandelaren en de negatieve effecten op de koopkracht, ondanks de overvloed aan wetenschappelijke en institutionele gegevens die aantonen dat deze beweringen grotendeels overdreven of ongegrond zijn.
De onderzoekers zien een acceptatie van deze argumenten in het publieke debat, wat bijdraagt aan het vervagen van de grens tussen onafhankelijke expertise en economische lobby voor gevestigde belangen. Het gevolg is dat sommige volksvertegenwoordigers meegaan in die argumentatie en de effectiviteit van een stevig accijnsbeleid bagatelliseren, terwijl dat in internationale literatuur wordt aangeduid als het krachtigste middel om het roken te verminderen, vooral onder jongeren en de sociaal meest kwetsbare groepen.
Vooral contact met lobbyisten
Dat zulke mispercepties ontstaan is niet verwonderlijk gezien de onbalans die de onderzoekers constateerden in de informatiebronnen waarop parlementsleden hun beslissingen baseren. De parlementariërs bleken vaker vertegenwoordigers van tabakswinkeliers te raadplegen dan volksgezondheidsprofessionals en onderzoekers. Met andere woorden, ze laten de commerciële belangen van de tabaksverkoop prevaleren boven de volksgezondheid. Dat staat haaks op de strekking van artikel 5.3 van het WHO-Kaderverdrag inzake Tabaksbestrijding (FCTC), dat bedoeld is om volksgezondheidsbeleid te beschermen tegen inmenging door de tabaksindustrie.
De onderzoekers denken dat dit ook te maken heeft met een zekere sociale legitimiteit die aan bepaalde economische actoren zoals tabaksverkopers wordt toegekend, terwijl wetenschappelijke gegevens minder worden meegewogen in parlementaire debatten. Génération sans tabac ziet daarin een belangrijke uitdaging voor het tabaksbeleid in Frankrijk, namelijk de noodzaak om de rol van wetenschappelijke expertise en volksgezondheidsprofessionals in het besluitvormingsproces te versterken. En dat is, voegen wij toe, in de Nederlandse, maar vooral ook in de Europese context niet anders.
tags: onderzoek | politiek | Frankrijk | tabakshandelaar | wetenschap | tabakslobby | Génération sans tabac





Stichting Rookpreventie Jeugd is geregistreerd als Algemeen Nut Beogende Instelling (RSIN: 820635315 | KvK: 34333760).