RIVM en NVWA stoppen met door tabaksindustrie gedomineerde norm-commissie

maandag 07 mei 2018

UPDATE 14-05-2018

Acht van de tien zetels in de norm-commissie die bepaalt op welke wijze teer, nicotine en koolmonoxide in sigaretten gemeten wordt , worden bezet door de tabaksindustrie. Trouw meldt dat het RIVM en de NVWA hun zetel opgeven, omdat ze het niet meer verantwoord vinden deel te nemen aan een commissie die door de tabaksindustrie gedomineerd wordt.

Door de webredactie

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (NVWA) stappen per direct uit de commissies voor tabak en elektronische sigaret van het Nederlands normalisatie-instituut (NEN). Dat meldt Trouw vandaag, maandag 7 mei. De NEN-commissies adviseren namens Nederland bij het opstellen van internationale normen die worden gemaakt door de International Organization for Standardization (ISO), waar het NEN bij is aangesloten.

Onafhankelijk

De ISO is een onafhankelijke organisatie die op wereldschaal voor zowat alle denkbare goederen en diensten normen en richtlijnen opstelt, waar iedere producent en overheid zich op kan baseren. Dat doen ze ook voor tabaksproducten. De ISO geeft aan hoe de maximale hoeveelheden verslavende en giftige stoffen als teer, nicotine en koolmonoxide die er maximaal in tabaksproducten mogen zitten gemeten moeten worden. Nederland is verplicht de door de ISO opgestelde procedure te volgen, omdat deze in de Europese Tabaksproductenrichtlijn is opgenomen. Bij het RIVM staan rookmachines die trekjes aan sigaretten nemen en analyseren of de hoeveelheid giftige stoffen in de rook binnen de wettelijke TNCO-waarden (Teer, Nicotine, Koolmonoxide) vallen.

Invloed

De NEN-commissie heeft invloed op die meetprocedure. Uit onderzoek van TabakNee en Radar Extra bleek dat acht van de tien zetels in die commissie worden bezet door tabaksfabrikanten. De overige twee waren voor het RIVM en de NVWA. De tabaksindustrie had binnen de commissie dus een zeer dominante positie. Advocaat Phon van den Biesen stuurde er een brief over naar de staatssecretaris van Volksgezondheid. VWS reageerde daar afhoudend op. De Radar-uitzending leverde een enorme reeks Kamervragen op van de SP.

Kamervragen

In een persbericht stelt het RIVM nu dat een belangrijke reden om uit de commissies te stappen de grote invloed is van de tabaksindustrie binnen deze commissies, “waardoor de nadruk te weinig ligt op bescherming van de volksgezondheid.” 
Precies het argument dat ook door TabbakNee werd gehanteerd. Overigens zouden de wettelijk vastgestelde maximale TNCO-waarden zo ongeveer tot nul gereduceerd moeten worden om geen gevaar voor de volksgezondheid meer te zijn zo blijkt uit op te maken uit het literatuuroverzicht Harzadous compounds in tobacco smoke van dé tabaksexpert op dit gebied in Nederland, Reinskje Talhout van het RIVM.

De wereld van de sjoemelsigaret

De tabaksindustrie heeft eerder van haar invloed op de ISO-procedure gebruik gemaakt om die zo aan te laten passen dat hun producten aan de norm konden blijven voldoen. Trouw-journalist en schrijver van het boek Het Rookgordijn Joop Bouma legt dat uit in het stuk Welkom in de wereld van de sjoemelsigaret. Tabaksfabrikanten brachten gaatjes in de filters van sigaretten aan, die de tabaksrook zo verdunde dat er in de rookmachines lagere rookwaarden uitkomen. Hierdoor bleven ze keurig binnen de norm van de ISO, terwijl ze dat niet waren. Dit trucje bezorgde deze sigaretten de naam ‘sjoemelsigaretten’. Rokers dekken die gaatjes bij het roken met hun vingers of lippen af, waardoor zij wel veel meer giftige stoffen binnenkrijgen dan de ISO-norm toestaat. Het RIVM legt het op haar website uit.

Andere meetmethodes

In antwoord op de Kamervragen hierover zei staatssecretaris Blokhuis: “Bij de vorige evaluatie van de tabaksproductenrichtlijn is door Nederland gepleit om een andere meetmethode op te nemen, die de gehaltes schadelijke stoffen die rokers binnenkrijgen beter benadert, of om eventueel twee meetmethodes op te nemen. Bij de onderhandelingen over de tabaksproductenrichtlijn is uiteindelijk op Europees niveau voor enkel de huidige meetmethode gekozen.”
Een ander argument voor het RIVM om uit de NEN-commissies te stappen is volgens het persbericht “dat er inmiddels andere methodes dan de ISO-methode zijn om de inhoud en emissies van sigaretten en daaraan gerelateerde producten te onderzoeken. Die zijn ontwikkeld door WHO TobLabNet, dat onafhankelijk van de tabaksindustrie methoden ontwikkelt en valideert.”

Aanpassing

In een Kamerbrief van 6 mei zegt Blokhuis de beslissing van het RIVM en de NVWA toe te juichen: “Hiermee komt een eerlijke meetmethode weer een stap dichterbij”. Ook schrijft hij: “Het is zorgelijk als consumenten aan hogere TNCO-waarden worden blootgesteld dan de volgens de ISO-methode gemeten TNCO-waarden. De meetmethode zou daarom aangepast moeten worden om de waarden waaraan consumenten worden blootgesteld beter te benaderen.”
Tijdens een informeel overleg in april in Sofia heeft Blokhuis met verschillende lidstaten over dit probleem gesproken. In de Kamerbrief schrijft hij: “Uit eerder onderzoek van het RIVM blijkt dat met een andere methode, de Canadian Intense (CI) methode die het rookgedrag beter benadert, twee tot zeventien keer hogere gehalten TNCO worden gemeten dan met de ISO-meetmethode. De Europese collega’s die ik in Sofia heb gesproken, delen mijn zorgen dat het onwenselijk is dat de huidige vastgestelde meetmethode voor TNCO een onderschatting geeft van de waarden die rokers daadwerkelijk binnenkrijgen. Zij waren eveneens van mening dat er kritisch gekeken moet worden naar de huidige meetmethode.”

Europees niveau

Blokhuis sprak er ook over met Eurocommissaris Andriukaitis. “De Eurocommissaris gaf aan dat het belangrijk is dit op Europees niveau te bespreken en hij is bereid ons hierin te steunen. Er zal dan ook op zeer korte termijn een bijeenkomst met technische experts worden georganiseerd om de problematiek en de verschillende alternatieve meetmethoden verder in kaart te brengen. Nederland wordt hierbij nauw betrokken en ook andere lidstaten hebben zich bereid verklaard hieraan te willen bijdragen.”

Voortbestaan commissie

In een reactie op het opstappen van het RIVM en de NVWA uit de tabakscommissies, schrijft de NEN op haar website dit een zorgelijke ontwikkeling te vinden. De commissies staan open voor alle belanghebbenden, maar met het vertrek van het RIVM en de NVWA zitten er nu alleen nog maar tabaksfabrikanten in. “In de beleidscommissie Landbouw & Levensmiddelen en de normcommissie zelf zal daarom met spoed het voortbestaan van de commissie worden besproken.”

Update 08-05-2018

In het televisieprogramma Radar vertelde Annemiek van Bolhuis, directeur Volksgezondheid en Zorg bij het RIVM, dat het instituut sinds 2012 in de NEN-commissie heeft gezeten omdat ze dachten zo toch invloed uit te kunnen oefenen. Maar gaandeweg werd duidelijk dat de invloed van de tabaksindustrie te groot was. Zo zijn ze al een hele tijd bezig de Canadese meetmethode in allerlei commissies te testen, terwijl die methode goed genoeg is, maar blijkt de tabaksindustrie “zand in de raderen” te strooien en de boel te vertragen omdat zij geen enkel belang hebben bij een meetmethode die wél accuraat meet wat er aan stoffen in sigaretten zit. Bolhuis: “De Canadese methode is een goed alternatief om binnen de WHO dit soort onderzoek te doen, in plaats van samen met de industrie.”

Bolhuis vertelt ook dat het RIVM met de nieuwe methode heeft gemeten en dat afhankelijk van de sigaretten er twee tot twintig keer zoveel giftige stoffen inzitten als op de ISO-methode wordt gemeten. Op dit moment worden de honderd meest gerookte sigaretten getest. Naar verwachting zal het RIVM de lijst met resultaten in juni publiceren.

Update 09-05-2018

In het hoofdredactioneel commentaar in de Volkskrant van 8 mei jl. schrijft Pieter Klok over de keuze van het RIVM om uit de tabakscommissie van de NEN te stappen: “Een terechte stap, maar wel een die de vraag opwerpt waarom het RIVM hier al die tijd wél mee kon leven. Waarom mogen tabaksfabrikanten mede bepalen hoe de schadelijkheid van hun rookwaar wordt bepaald? Zijn zij niet volstrekt onbetrouwbaar gebleken als gesprekspartner door schadelijke gezondheidseffecten decennialang te bagatelliseren en het roken ten onrechte te presenteren als een vrije keuze, terwijl zij ondertussen alles doen om sigaretten zo verslavend mogelijk te maken?

Het antwoord ligt in een wonderlijke tweedeling in de Europese wetgeving. De wetgever bepaalt hoeveel gram teer, nicotine en koolmonoxide in sigarettenrook mag zitten, maar de tabaksfabrikanten bepalen mede hoe dit wordt gemeten. Ze hebben het voor elkaar gekregen dat er in een laboratorium een kunstmatig situatie wordt gecreëerd. De testmachines inhaleren alleen via het uiterste topje van het filter. Zo kan de meeste rook ontsnappen door de gaatjes die in het filter zitten en lijken de teer en nicotinegehaltes veel lager dan ze in werkelijkheid zijn.

Dit mechanisme is al lang bekend, maar de politiek vond het tot nu toe niet nodig hier serieus onderzoek naar te doen. Het RIVM heeft de sigaretten pas onlangs getest met een waarheidsgetrouwere methode en de resultaten zijn verbijsterend. De nicotine-inname is tot tien keer zo hoog als de fabrikanten ons willen doen voorkomen en vaak ook hoger dan de wet voorschrijft.

Hierop had het RIVM geen andere keuze dan uit de commissie te stappen. Dat valt te prijzen, maar het probleem is daarmee niet opgelost. De meetmethode blijft vooralsnog hetzelfde.”

Update 14-05-2018

Een nieuwe stap op weg naar het einde van de sjoemelsigaret. Zo ziet staatssecretaris Blokhuis volgens Trouw het vertrek van Nederland uit de commissie die op internationaal niveau adviseert over het meten van teer, nicotine en koolmonoxide in sigaretten. In een commentaar op het besluit van de RIVM en NVWA om uit de norm-commissie te stappen, roept men op om staatssecretaris Blokhuis te steunen bij zijn streven Nederland van het roken af te brengen.

Dr. Ir. Henk J. de Vries , Universitair Hooddocent Standaardisatie en Normalisatie aan de Rotterdam School of Management van de Erasmus Universiteit, laat in de brievenrubriek van de NRC een heel ander geluid horen. In zijn brief, getiteld Nu bepaalt de industrie, schrijft hij 

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) stoppen hun deelname aan normalisatiecommissies van het Nederlands Normalisatie-instituut die de Nederlandse inbreng leveren voor de internationale normalisatie op dat gebied, in commissies van de International Organization for Standarization ISO. Het gaat hier onder andere om normen voor het meten van teer en nicotine in tabak. Die ISO-normen zijn omstreden: de testmethodes meten minder schadelijke stoffen dan de roker bij gemiddeld gebruik binnenkrijgt. Dat maakt deze stap van de Nederlandse overheid begrijpelijk, maar het belang van betere testmethoden is hiermee niet gediend, want nu blijft in de commissie alleen de tabaksindustrie over.
De normalisatiecommissies op nationaal en internationaal niveau werken op basis van consensus. Dit begrip is gedefinieerd als ‘abstention of sustained opposition’. Vrij vertaald: het erover eens zijn om het niet langer oneens te zijn. Meestal lukt het commissies om consensus te bereiken: het gaat om degelijke technische afspraken en er worden technische argumenten gebruikt. In dit geval lijkt het erop dat bedrijfsbelangen van de industrie de technische discussie gekleurd hebben. Echter: ook al verzet slechts één commissielid zich, dan is er geen consensus en kan het voorstel niet worden goedgekeurd. Dat hadden RIVM en NVWA dus kunnen doen en kennelijk hebben ze dat nagelaten.
Als een commissie in zo’n patstelling belandt, dan kan de hiërarchisch hogere commissie om een uitspraak worden gevraagd. In dit geval is dit de Beleidscomissie Landbouw en Levensmiddelen. Daarin is een veelheid van marktpartijen vertegenwoordigd. RIVM en NVWA hadden beter kunnen stimuleren dat ook bijvoorbeeld KWF Kankerbestrijding en Clean Air Nederland (die opkomt voor belangen van niet-rokers) zouden gaan meedoen in de normcommissie. Dan zou Nederland ook naar ISO-commissies andere mensen kunnen afvaardigen dan alleen mensen van de tabaksindustrie. Hopelijk komen RIVM en NVWA dus op hun beslissing terug.

 

 

tags:  gezondheidsschade | misleiding | sjoemelsigaret | sjoemelsigaretten | volksgezondheid