Wetgeving Gokverslavingsfonds is bruikbaar model voor Tabaksverslavingsfonds

donderdag 21 februari 2019

Deze week stemde de Eerste Kamer in met een wetsvoorstel waardoor online gokken wordt gelegaliseerd en aanbieders van kansspelen verplicht worden gesteld om geld te storten in een verslavingsfonds dat gokverslaafden moet helpen. Dat lijkt een goed voorbeeld voor wat er rond tabaksverslaving nodig is: de tabaksindustrie een bijdrage laten leveren aan het tegengaan van rookverslaving, vanuit de gedachte ‘de vervuiler betaalt’.

Door de webredactie

Nadat de Tweede Kamer in 2016 instemde met het legaliseren van online kansspelen, is de Eerste Kamer nu ook akkoord, zo meldde het AD. Daardoor wordt het nu mogelijk om duidelijke regels te stellen aan gokken op internet. Ook wordt het mogelijk om de handhaving van die regels te verbeteren.
Saillant detail is dat met het akkoord gaan van de Eerste Kamer, ook het startsein is gegeven voor de invoering van een Verslavingsfonds. Daarin moeten aanbieders van kansspelen een gedeelte (0,25%) van het bruto spelresultaat storten. De bedoeling is dat gokverslaafden met dat geld geholpen gaan worden.

Tabaksverslavingsfonds

Het wetsvoorstel is een voorbeeld voor eenzelfde initiatief rond tabaksverslaving. In juli 2018 pleitten de Stichting Rookpreventie Jeugd (SRPJ) en het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde (NTvG) voor een Tabaksverslavingsfonds. Geopperd werd om de invoering ervan op te nemen in het Nationaal Preventieakkoord. De tabaksindustrie draagt op dit moment op geen enkele manier bij aan de hulp bij het stoppen met roken en de behandeling van ziektes die veroorzaakt worden door roken. Vrijwel alle kosten worden gedragen door de rokers zelf (die de accijns betalen) en de samenleving als geheel (via de ziektekostenverzekering).

Vervuiler moet betalen

Het is de hoogste tijd dat deze kosten niet meer op de samenleving worden afgewenteld, maar dat de tabaksindustrie zelf gaat meebetalen aan het voorkomen en oplossen van de schade die ze veroorzaken, vanuit de gedachte ‘de vervuiler betaalt’, zo stelden de SRPJ en het NTvG.
Ze pleitten ervoor dat de tabaksindustrie verplicht moet worden om jaarlijks 1 procent van de in Nederland behaalde bruto omzet in een Tabaksverslavingsfonds te storten, om uiteindelijk te kunnen komen tot een rookvrije generatie. Het zou gaan om een bedrag van circa 35 miljoen per jaar. Met dat geld kan een landelijke preventiecampagne tegen roken gefinancierd worden en kan er meer en betere begeleiding bij het stoppen met roken komen.

Financiële basis

TabakNee beargumenteerde dat het geld in het fonds ook een goede financiële basis zou kunnen leggen onder het Nationaal Preventieakkoord, om ervoor te zorgen dat de doelstellingen daadwerkelijk behaald worden. Het idee om tabaksfabrikanten te laten bijdragen aan rookpreventie is allesbehalve nieuw: in andere landen wordt er ook mee geëxperimenteerd.

Initiatief niet opgevolgd

Bij het presenteren van het Nationaal Preventieakkoord op 23 november vorig jaar bleek dat het initiatief van SRPJ en NTvG het niet had gehaald. Waarom de ‘tabakstafel’ tegen was bleef onduidelijk, want er zijn geen notulen beschikbaar van de bijeenkomsten.
Het wetsvoorstel op online gokken en het bijbehorende verslavingsfonds, zijn net als vergelijkbare fondsen op het gebied van milieuvervuiling desondanks goede voorbeelden van hoe een Fonds voor Tabaksverslaving wel degelijk levensvatbaar kan zijn.

tags:  Preventieakkoord | rookpreventie | rookverslaving | rookvrije generatie | tabaksontmoediging | Verslavingsfonds