line
brief-aan-gemeenten-juiste-versie-2

VWS waarschuwt gemeenten en provincies: Samenwerken met tabaksindustrie is verboden

zaterdag 21 november 2015

Als direct gevolg van de rechtszaak van Stichting Rookpreventie Jeugd tegen de Staat heeft het ministerie van Volksgezondheid, na het parlement nu ook de lagere overheden – gemeenten en provincies – aangeschreven. Kern van de brief: ook zij moeten zich houden aan het internationale antirookverdrag FCTC en daarom zijn vrijwel alle contacten met de tabaksindustrie taboe. Voor Stichting Rookpreventie Jeugd is dit een belangrijke doorbraak in de strijd tegen de tabakslobby.
Door de webredactie

'Tabaksontmoediging is van evident belang. Jaarlijks sterven in Nederland ongeveer 20.000 mensen door roken en enkele duizenden door meeroken [...].' Dat schrijft staatssecretaris Van Rijn (VWS) in een – niet eerder gepubliceerde – brief aan de gemeenten ('Omgang gemeenten met de tabaksindustrie') en in een brief aan de Colleges van Gedeputeerde Staten ('Omgang provincies met de tabaksindustrie').

Deze brieven waren al toegezegd in de notitie 'Verduidelijking invulling artikel 5.3 WHO-Kaderverdrag' (24 september) van Van Rijn aan de Eerste en Tweede Kamer. De brieven zijn bedoeld 'ter verdere verduidelijking van de invulling van artikel 5.3' van het internationale FCTC-verdrag dat roken wil ontmoedigen en dat ruim tien jaar geleden door Nederland werd geratificeerd. Artikel 5.3 schrijft voor dat de tabaksindustrie geen invloed mag uitoefenen op de totstandkoming van gezondheidsbeleid. Van Rijn waarschuwt de gemeenten en provincies dat samenwerking met de tabakslobby in strijd is met dit artikel en verboden is 'wanneer het gaat over publiekscampagnes tegen het roken, publieke evenementen of activiteiten die onder de noemer van maatschappelijk verantwoord ondernemen worden ontplooid'.

Lobbytechnieken niet altijd herkenbaar

Om gemeenten en provincies te helpen bij het toepassen van dit verdrag, ontwikkelt het ministerie momenteel een centraal punt op de website van de Rijksoverheid. Daarin komt meer informatie over artikel 5.3, schrijft Van Rijn. Met zijn brieven informeert de staatssecretaris ze alvast over de slinkse wegen die de tabaksindustrie bewandelt om het overheidsbeleid te beïnvloeden.

Van Rijn in zijn brief: 'Zo kunnen vertegenwoordigers van de tabaksindustrie ambtenaren benaderen via e-mail, telefoon of tijdens bijeenkomsten. De lobbytechnieken zijn echter niet altijd herkenbaar.' Ook schrijft Van Rijn alert te zijn op het op 'strategische plekken creëren van rookzones die weliswaar overlast kunnen verminderen', maar die 'bij aantrekkelijke duidingen ook juist het roken [kunnen] aanmoedigen'. Ten slotte wijst hij erop dat contacten met de tabaksindustrie transparant moeten zijn. Bij overleg is het uitgangspunt dat 'hiervan verslag wordt gemaakt en dat dit verslag openbaar gemaakt wordt op de website van uw provincie [of gemeente, red.]'. Ook andere schriftelijke documenten waaruit contact blijkt met de industrie, moeten openbaar worden gemaakt.

COMMENTAAR ROOKPREVENTIE JEUGD

Nederland is een van de eerste landen ter wereld waar het de lagere overheid expliciet verboden wordt om met de tabaksindustrie samen te werken. Eerder deed alleen de Engelse regering een oproep daartoe. Dat maakt deze brieven uniek. Het FCTC-verdrag geldt niet alleen voor de centrale overheid maar ook voor de lagere overheden, maar dat werd niet door elke gemeente of provincie even goed toegepast. De brief maakt gemeenten en provincies klip en klaar duidelijk dat contact met de tabaksindustrie alleen mag plaatsvinden bij 'uitvoeringstechnische kwesties' (zoals belastingafdracht en accijnszegels), maar dat is in feite alleen iets voor de centrale overheid.

Gemeenten in de fout

Verboden zijn gezamenlijke activiteiten 'die onder de noemer van maatschappelijk verantwoord ondernemen worden ontplooid', aldus Van Rijn, precies waar TabakNee al enige tijd tegen strijdt. Een aantal gemeenten bleek samen te werken met de tabaksindustrie bij campagnes tegen de overlast van sigarettenpeuken. In augustus 2014 constateerde TabakNee al dat vijf Nederlandse kustgemeenten – Den Helder, Zandvoort, Noordwijk, Veere en Vlissingen – het FCTC-verdrag hebben overtreden door samen te werken met de tabaksfabrikanten Japan Tobacco International (JTI) en British American Tobacco (BAT). Recent gingen Katwijk en de gemeenten Rotterdam, Utrecht, Den Haag en Breda in de fout. Dit is misschien nog maar het topje van de ijsberg van de samenwerkingsverbanden tussen lokale overheden en tabaksbranche. Maar nu moeten de gemeenten die artikel 5.3 overtreden hun samenwerking met de tabaksindustrie toch heus per direct stop zetten. TabakNee zal dit nauwlettend in het oog houden.

De overheid blijkt, kortom, eindelijk in te zien hoe geraffineerd de tabaksindustrie te werk gaat bij het beïnvloeden van haar beleid en doet nu een serieuze poging hier een eind aan te maken. Maar dat ook de lokale overheid gewezen wordt op de streken van de tabaksindustrie en expliciet wordt opgeroepen de tabaksbranche te weren, dat is – voor zo ver wij weten – eerder alleen in Engeland gebeurd.

tags:  fctc | politiek | tabaksindustrie | Van Rijn | VWS