WHO-conferentie: "Houd afstand van de tabaksindustrie"

woensdag 22 oktober 2014

Wereldwijd ondermijnt de tabaksindustrie het internationale anti-rookverdrag van de Wereldgezondheidsorganisatie. Dat is één van de slotconclusies van de zesde anti-tabaksconferentie in Moskou. Een expertgroep gaat onderzoeken tot hoe ver de lange arm van Big Tobacco reikt in internationale organisaties. En de conferentie blijkt een steun in de rug bij de rechtszaak van de Stichting Rookpreventie Jeugd tegen de Nederlandse Staat.
Door de webredactie

Nederland blijkt niet de enige staat die moeite heeft met het naleven van het internationale anti-rookverdrag, het zogeheten FCTC-verdrag van de Wereldgezondheidsorganisatie. Intussen hebben 179 landen dat verdrag ondertekend en daarmee beloofd om de tabaksindustrie buiten de deur te houden bij het maken van gezondheidsbeleid, zie artikel 5.3 van dit verdrag.

Maar die tabaksindustrie probeert in veel landen een voet tussen de deur te krijgen, zo bleek vorige week tijdens een conferentie in Moskou, genaamd Conference of the Parties (COP), waarbij de verdragspartners de voortgang van het verdrag bespraken.

Uit de briefing voorafgaand aan de conferentie-bijeenkomst blijkt dat de daadwerkelijke "implementatie" – lees: het in de praktijk brengen van artikel 5.3 – te wensen overlaat. Een aantal landen rapporteerde dat "zij de inmenging van de tabaksindustrie met publieke regelgeving nog altijd zien als het belangrijkste obstakel om het verdrag te implementeren."

Bovendien maakt de industrie ook gebruik van rechtszaken om de toepassing van het verdrag te ondermijnen of te vertragen. "Vooral in landen die sterke en innovatieve antirookmaatregelen willen invoeren."

Obstakels

Er kunnen allerlei obstakels zijn: zwakke wetgeving, mazen in bestaande wetten die inmenging kunnen veroorzaken (zoals vrijwillige overeenkomsten met de industrie over advertentierestricties), acceptatie van door de industrie gesponsorde anti-rookcampagnes voor jongeren en andere vormen van samenwerking tussen de industrie en verschillende lagen van de overheid.

Daarom moeten de overheden, op alle niveaus, transparant zijn over hun contacten. Maar in de briefing staat dat "slechts een kwart van de partijen maatregelen heeft genomen om informatie en activiteiten van de tabaksindustrie toegankelijk te maken voor het publiek."

Expertgroep

Er is besloten om een expertgroep in te stellen, aldus het afsluitende overzichtsdocument van de conferentie. Deze expertgroep gaat onderzoeken in hoeverre de tabaksindustrie betrokken is bij internationale sleutelorganisaties die zouden moeten bijdragen aan de implementatie van het verdrag. En gaat ook voorbeeldbeleid bedenken waarmee internationale organisaties makkelijker bijdrages van de industrie kunnen weigeren. Daarbij is het belangrijk dat de partijen die het verdrag hebben onderschreven hun ervaringen kunnen uitwisselen. Deze expertgroep zal de volgende COP-conferentie een rapport met best practices presenteren, dus voorbeelden van landen die er slim mee omgaan. En de groep zal "de partijen begeleiden bij het versnellen van het invoeren van artikel 5.3."

Rechtszaak

Dat de tabaksindustrie nog te veel invloed heeft op het overheidsbeleid, vindt de Stichting Rookpreventie Jeugd al lang. Daarom heeft de stichting dit najaar de Nederlandse Staat gedagvaard. Over de overschrijding van het anti-rookverdrag in Nederland verscheen op TabakNee een hele serie. De aanbevelingen van de conferentie zijn een steun in de rug voor de stichting bij haar rechtszaak tegen de Staat.

tags:  fctc | tabaksindustrie | tabakslobby | WHO