line
meer asfalteren

Wereld Niet Roken Dag: de rampzalige rookcultuur bij Defensie

donderdag 30 mei 2019

Morgen is het Wereld Niet Roken Dag, maar niet bij Defensie. “Zo, mannen, even de longen asfalteren,” krijgen soldaten in sommige krijgsmachtonderdelen tijdens hun oefeningen te horen. Veel jonge militairen zouden gaan roken. De krijgsmacht beloofde maatregelen te nemen en heeft een duurzaamheidsnota ontwikkeld, maar rookpreventie heeft daar geen plek in gekregen.

Door Stella Braam & Frits van Dam

Defensiemedewerkers moeten “op duurzame wijze” inzetbaar zijn en blijven. Dat staat te lezen in de beleidsnota Duurzaam Inzetbaar Defensie van 31 maart 2018. “Ons programma richt zich daarom primair op het versterken van de individuele vaardigheden op een aantal leefstijldomeinen: beweging, voeding, slaap en mentale kracht.” Waar staan de gevaren van roken in dit rijtje? De helft tot tweederde van de rokers sterft aan de gevolgen van zijn of haar tabaksgebruik.
Bij een nota over een gezonde leefstijl zou tabaksontmoediging niet mogen ontbreken. Heeft Defensie dit per ongeluk over het hoofd gezien? Waarschijnlijk niet, vernemen wij in Defensiekringen. Roken is een no-go area. Kom niet aan de (goedkope) sigaretten bij Defensie en het ruimhartige rookbeleid. “Dan moet je het gevecht tegen je eigen troepen gaan voeren,” zegt een bron. “En dat wil niemand.”

Target van de tabaksindustrie

Hoeveel militairen, en bij welk krijgsmachtonderdeel in Nederland, zijn nicotineverslaafd? Dat is nooit onderzocht, anders dan bijvoorbeeld in de Verenigde Staten, waar de e-sigaret in het leger in snel tempo populair is geworden, of in Israël, waar in 2017 een actie tegen roken werd gestart omdat het er de spuigaten uitliep.
Militairen zijn een ‘target’ van de tabaksindustrie en dat heeft een geschiedenis: in de Tweede Wereldoorlog werden soldaten aan het roken gebracht. Sigaretten werden liberation sticks genoemd. Zo werden vrijheid en tabak met elkaar geassocieerd.
De tabaksindustrie lobbyt nog steeds actief voor belastingvrije, dus supergoedkope sigaretten, schrijft het Amerikaanse tijdschrift Mother Jones.
Meer over de invloed van Big Tobacco op het leger in de serie De goedkope sigaretten van Defensie, die TabakNee in 2014 uitbracht. Of bekijk deze video waarin Ray Mabus, voorheen werkzaam bij de US Navy, vertelt over de lange arm van de tabaksindustrie in de kazernes.

Pakje Marlboro nog geen 2 euro

Op de NAVO-bases in binnen- en buitenland zijn rookwaren spotgoedkoop, omdat deze belastingvrij zijn. Een pakje Marlboro (20 stuks), dat anno 2019 in de winkel 7 euro kost, bedraagt volgens onze berekening op de NAVO-basis te Brunssum slechts 1,60 euro. Niet bepaald een stimulans om te stoppen met roken. Maar wél eentje om ermee te beginnen. Hoe goedkoper een pakje sigaretten, hoe lager de drempel om te gaan roken. En wie eraan begint is in no time verslaafd.

Goedkope sigaretten nodigen overigens niet alleen uit tot roken, maar ook tot illegale handel. Aanvankelijk wilde Defensie hier niet op ingaan, maar onlangs gaf zij dit desgevraagd toch toe: “Tijdens sommige oefeningen in het buitenland is het mogelijk om goedkoop tabak aan te schaffen. Het valt nooit uit te sluiten dat deze vervolgens in privékringen wordt doorverkocht of dat collega’s wordt gevraagd om een slof mee te nemen. Het is geen verboden actie.”
Die doorverkoop blijkt wel degelijk verboden te zijn. Als we dit feit aan de Directie Communicatie voorleggen en om commentaar vragen, komt er geen antwoord meer.

‘Even de longen asfalteren’

De situatie in 2019: als het om drugs gaat, hanteert Defensie een zerotolerancebeleid, maar roken is prima. Wij vernemen dat er in elk geval één kazerne is waar meer dan de helft van de militairen rookt, tot en met de sportinstructeurs aan toe. “Naar schatting 50 tot 70 procent van de lagere rangen rookt,” vertelt een bron over een Defensielocatie in Nederland. “Als je er wat van zegt, kijken ze je aan alsof je van een sekte bent.”
De (aspirant-)roker wordt in de watten gelegd. Er is een smak geld in rookruimtes – ‘abri’s’ – gestopt. Alleen al op één kazerne in het land is naar schatting zo’n 60.000 euro aan mooie rookplekken gespendeerd, die keurig worden schoongehouden.
Rookpauzes zijn er altijd; op de werkvloer, tijdens vergaderingen en congressen. “Nu een pauze van 15 minuten, zodat de rokers onder ons ook even tijd hebben om naast de koffie een peuk te roken.” Zelfs op oefening roepen instructeurs: “Zo, mannen, even de longen asfalteren en wat eten in je kanaal douwen, en dan gaan we weer verder.”

Tieners op stage

“Defensie maakt rokers van jonge gezonde mensen, terwijl Defensie deze mensen juist gezond zou moeten houden en het roken zou moeten ontmoedigen,” zei klokkenluider René.
Het leger is bij uitstek een plek waar jonge mensen binnenkomen. Met een VMBO-diploma kun je vanaf 18 jaar solliciteren bij de Landmacht – en met de rookcultuur worden geconfronteerd. Nog zorgelijker zijn de VEVA-leerlingen, die pas 15 à 16 jaar oud zijn als ze binnenkomen. VEVA staat voor Veiligheid & Vakmanschap, je combineert een mbo-opleiding met praktijkweken bij Marine, Land- of Luchtmacht.
Een aanzienlijk deel van de instructeurs rookt, waarmee de kans dat de tieners zich tijdens hun stage ook aan een peuk wagen, toeneemt. Op een kazerne zijn VEVA-leerlingen aangetroffen die roken als een ketter, aldus een bron: “Hun leraar, de sergeant, rookt, dus dat is de norm en daarom gaan zij ook roken. Jongens van 17 jaar die een (deel van hun) opleiding bij Defensie volgen, werken op een rokerig terrein. Een rookvrij schoolplein, zoals je het terrein rondom de kazerne kunt beschouwen, is er niet. Er wordt zelfs in busjes gerookt en ook in sommige werkruimtes. Er wordt zelfs tijdens de lessen gerookt, buiten in het veld.”
Zo’n vijftig jaar geleden mochten leerkrachten in het klaslokaal niet meer roken. Instructeurs bij Defensie mogen nog steeds roken. “Je mag dan tijdens de lessen wel in het veld zijn, maar het principe is hetzelfde. Het hogere niveau doet er niets aan, terwijl juist onze populatie van (heel) jonge werknemers een risicogroep is.”

Loze beloftes

Maar wacht eens even: Defensie heeft zo’n 2,5 jaar terug beloofd het rookgedrag in haar gelederen te gaan beteugelen. Dat zit zó: op 24 november 2016 vond er een gesprek plaats tussen vertegenwoordigers van Defensie en Stichting Rookpreventie Jeugd. De aanleiding was een klacht die de Stichting had ingediend bij de Nationale Ombudsman over de goedkope NAVO-sigaretten en het ontbreken van een tabaksontmoedigingsbeleid bij Defensie. De Ombudsman wees op de procedure: éérst een klacht bij Defensie indienen. Zo gezegd, zo gedaan. De klacht van Rookpreventie Jeugd werd afgewezen door de minister van Defensie. Nederland zou geen invloed hebben op de internationaal vastgelegde douanevrijstellingen bij de NAVO.
Maar er was nóg een argument van de minister om de klacht van de Stichting “kennelijk ongegrond” te verklaren: het feit dat Defensie over een rookstoppoli beschikt binnen het Centraal Militair Hospitaal (CMH). “Speciaal hiervoor opgeleide medewerkers begeleiden de rokers volgens vaststaande richtlijnen. […] De persoonlijke situatie van de stopper wordt in kaart gebracht.” Inclusief een individueel stopplan. De minister tekent het in juli 2015 op.
Drie maanden later, het is dan oktober, belt een militair naar het CMH. Dan blijkt dat de veelbelovende rookstoppoli is opgeheven, “in verband met gebrek aan personeel”. Of omdat er geen animo voor was? “Er meldde zich hooguit één militair per jaar,” wordt cynisch opgemerkt.
Desgevraagd laat Defensie in april 2019 weten dat de rookstoppoli inderdaad einde oefening is. Het ministerie geeft geen antwoord op de vraag per wanneer de poli is opgeheven. Bestond de poli nog wel toen de minister die zo de hemel in prees?
Het ministerie over de reden van de sluiting: “Het succespercentage van deze poli lag niet hoger dan het landelijk gemiddelde. Dit had met name te maken met het feit dat de afstand tussen de patiënt en het CMH te groot was en een adequate frequente begeleiding daardoor niet mogelijk was.”

Veelzeggend terrein

Nadat de minister de klacht van de Stichting Rookpreventie Jeugd had afgewezen, bracht de Nationale Ombudsman de twee partijen eind november 2016 bij elkaar op veelzeggend terrein: het Antoni van Leeuwenhoek, een in kanker gespecialiseerd ziekenhuis te Amsterdam.
Volgens de notulen die Defensie over dit gesprek heeft gemaakt, doet het ministerie mee aan allerlei maatschappelijke initiatieven, zoals Stoptober (een maand lang niet roken) en “lopende interne projecten in het kader van ‘goed werkgeverschap’ en de nieuwe initiatieven passende bij Duurzaam Inzetbaar Defensie”. Aan die laatste belofte, de eerder vermelde duurzaamheidsnota, heeft Defensie zich niet gehouden. Maar ook de deelname aan Stoptober is on hold gezet.
De Directie Communicatie laat desgevraagd weten haar medewerkers in 2018 niet attent te hebben gemaakt op de één maand niet roken-actie: “Het bereik van het jaar ervoor in verhouding tot de benodigde capaciteit stond niet in verhouding. Momenteel zijn er andere prioriteiten in het Duurzaam Inzetbaar Defensie-domein. Denk aan verantwoorde keuze in voeding, het meer bewegen van medewerkers met een zittende functie en loopbaanontwikkelingen.”
Maar wat was hun overweging om een hoofdstukje over de gevaren van tabak niet toe te voegen aan het voorlichtingsmateriaal? “Bent u van plan dit zo nodig alsnog te doen?” vragen wij per e-mail aan de Directie Communicatie. Er komt geen reactie. Hoe heeft het rookontmoedigingsbeleid bij Defensie trouwens vorm gekregen?
Het antwoord luidt: “Defensie houdt zich aan de ARBO-wet.” Daarnaast houdt het zich aan de voorgestelde maatregelen in het Nationaal Preventieakkoord. “Defensie zal net als met de ARBO-wet bekijken wat de wet- en regelgeving is en zal deze hanteren.”

‘Roken is je eigen keuze’

Heeft de tabaksvriendelijke opstelling van Defensie wellicht te maken met haar opvatting: roken is je eigen keuze, “waar het ministerie van Defensie niet voor verantwoordelijk gehouden kan worden”? Eerder mailde een Defensiewoordvoerder ons dat roken niet strafbaar is, “dus Defensiemedewerkers bepalen zelf of ze wel of niet roken”.
Maar er is zoiets als voortschrijdend inzicht. Recentelijk is steeds meer bekend geworden over hoe ernstig een rookverslaving is en dat fabrikanten allerlei stofjes toevoegen om tabak nog verslavender te maken. Daarom vroegen wij Defensie of zij nog steeds meent dat roken een vrije keuze is. Voor de zekerheid voegden we toe: “Meer informatie over de gevolgen van roken vindt u hier.”
Defensie blijkt onwrikbaar: “Het al dan niet roken is een eigen keuze van de medewerker,” antwoordt de Directie Communicatie per e-mail op 9 april 2019. “Maar Defensie stimuleert medewerkers om te sporten en gezond te leven. Als militair moeten ze voldoen aan fysieke eisen van Defensie, die hen geschikt maakt voor uitzending.”
Tegen de gevolgen van roken valt toch niet op te sporten, mailen we terug. Het blijft stil.

Van 17 naar 18 jaar

De goedkope sigaretten op de NAVO-bases in binnen- en buitenland zijn er nog steeds. Er is slechts één dingetje aangepast: om sigaretten op de basis in Brunssum te kopen, hoefden militairen en hun gezinsleden niet 18, maar 17 jaar oud te zijn, meldde TabakNee in 2014. Defensie hanteert intussen de wettelijke leeftijdsgrens van 18 jaar.
Van wie is die NAVO-winkel in Brunssum waar de goedkope sigaretten te koop zijn? Ook op deze vraag komt geen antwoord meer en dat is jammer, omdat de minister in de eerder vermelde brief liet weten dat belastingvrije producten zoals tabak te koop zijn “in speciaal daartoe opgezette winkels, die beheerd worden door het gastland”. Het ministerie van Defensie verkoopt dus zelf die goedkope sigaretten? Dat lijkt in strijd met het tabaksontmoedigingsbeleid: het internationale FCTC-verdrag.

Wat zegt de dokter?

Hoe denken de artsen bij de krijgsmacht hierover? In 2014 wilde Defensie ons niet in contact brengen met de gezondheidszorg in haar gelederen. Maar een interne e-mail, die TabakNee kreeg van een arts binnen Defensie, geeft weer hoe erover werd gedacht. Het lijkt de arts een goed idee om te stoppen met het belastingvrij aanbieden van rookwaren op oefening en bij inzet. Dat is “de meest duurzame maatregel” tegen roken.

Defensie hamert er steeds op dat je mag roken vanaf 18 jaar. En dat ze geen tabak aan 18-minners verkopen. Maar daar gaat het niet om, zegt onze bron: “Veel jongeren komen binnen als niet-roker, om vervolgens de dienst vijf, tien of veertig jaar later als verstokte roker te verlaten. Defensie maakt van gezonde niet-rokers verslaafde, ongezonde rokers. Dat moet Defensie zich aantrekken. Laat Defensie eens kritisch in de spiegel kijken, gezien de gezondheidswinst en de zorg die Defensie heeft voor de jonge populatie werknemers. Daar onderzoek naar doen, is toch niet te veel gevraagd?
Als je 18 jaar bent, hoe volwassen ben je dan om bewust de keuze te maken om te gaan roken?” Cynisch: “Nee, dan voel je geen groepsdruk, dan heb je geen last van kopiëren van je grote voorbeeld, dan kun je prima langetermijnkeuzes maken, volgens Defensie.”

Gelukkig is er ook een lichtpuntje. Defensie laat weten dat er in plaats van een landelijke rookstoppoli, nu lokale poli’s bij kazernes zijn opgezet. Voorbeeld hiervan is de rookstoppoli in de kazerne in Oirschot. Defensie weet dus wel hoe het moet, maar laten we wel wezen: met rookstoppoli’s ben je al te laat. Defensie moet een rookpreventiebeleid voeren.

Conclusie

Defensie gaat prat op een veilige werkomgeving, maar beschermt haar personeel niet tegen een nicotineverslaving. Jonge mensen die enthousiast voor Defensie kiezen, staan bloot aan de groepsdruk om mee te doen aan deze levensgevaarlijke verslaving.
De rookvrije krijgsmacht-generatie is nog lang niet in zicht.
Defensie moet onderzoek gaan doen: hoeveel wordt er gerookt door Defensiemedewerkers en in welke krijgsmachtonderdelen? Maar daar gaan we niet op wachten: er moet een rookontmoedigingsbeleid worden opgesteld. En wel meteen, gezien de alarmerende situatie. Gelukkig is er al een kader waar dit beleid moeiteloos op kan aanhaken: Duurzaam Inzetbaar Defensie. Gewoon een hoofdstukje extra invoegen en experts het veld in sturen. Zo ingewikkeld kan dat niet zijn.

tags:  accijns, tabak | antirookbeleid | Defensie | fctc | klokkenluider | Preventieakkoord | rookbemoedigingsbeleid | stoppen met roken