Effecten regerlingsbeleid: daling in aantal rokers vooral onder hoogopgeleiden

vrijdag 09 juni 2017

Uit een nieuwe fact-sheet van het Trimbos-instituut blijkt dat het tabaksontmoedigingsbeleid van de overheid vooral effect heeft gehad op het aantal rokers onder hoger opgeleiden. Ontmoedigingsmaatregelen als accijns- en prijsverhogingen en rookverboden zouden het grootste effect op lager opgeleide rokers kunnen hebben.
Door de webredactie

Onlangs werd de fact-sheet 'Effecten van tabaksontmoedigende beleidsmaatregelen onder rokers met een lage sociaaleconomische status die is samengesteld' uitgebracht door het Trimbos-insituut. Het document bevat alle beschikbare literatuur over dit thema en is belangrijk omdat er wordt ingegaan op het effect van beleidsmaatregelen van de overheid.

Opleidingsviveau van invloed

Opleidingsniveau blijkt van invloed te zijn op het feit of iemand gaat roken of niet. Onder mensen met een lage sociaal economische status (SES) wordt meer gerookt dan onder mensen met een hoge SES.
Volgens het Trimbos-instituut rookte rond 1990 38 procent van de laagopgeleiden, 40 procent van de middelbaar opgeleiden en 34 procent van de hoogopgeleiden. Een kwart eeuw later rookte nog 28 procent van de laag-, 26 procent van de middelbaar- en 18 procent van de hoogopgeleiden. Een flinke daling onder alle groepen, maar het meest onder hogeropgeleiden.

Moeilijker

Lager opgeleiden roken ook vaker dagelijks en zwaardere tabak. De reden daarvoor is volgens de fact-sheet dat ze vroeger beginnen met roken, waardoor stoppen moeilijker wordt en de verslaving groter, de kans van slagen bij een stoppoging is lager in vergelijking tot hogeropgeleiden en ze ondervinden minder sociale steun bij het stoppen dan mensen van een hogere SES.

Antirookmaatregelen

De overheid heeft door de jaren heen verschillende antirookmaatregelen genomen. Er zijn rookverboden ingevoerd, de accijns op tabaksproducten is verhoogd en onlangs werden afschrikwekkende plaatjes op tabaksverpakkingen verplicht gesteld. Uit de fact-sheet: “De beleidsmaatregelen die in de afgelopen decennia in Nederland zijn ingevoerd lijken onvoldoende te zijngeweest om verschillen in roken (tussen de verschillende SES groepen – red.) te verkleinen.”
Voor zover onderzocht, wordt gevonden dat de meeste beleidsmaatregelen rokers met een lage SES wel degelijk helpen bij het stoppen met roken. “Zo vergroten accijns- en prijsverhogingen de kans op stoppen met roken onder rokers met een lage SES. Ook verplichte en volledige rookverboden in openbare ruimtes kunnen bijdragen aan het stoppen met roken onder lage SES rokers.”

Meer effect bij hogere sociaal economische status

Maar, zo blijkt, “de meeste beleidsmaatregelen hebben echter sterkere effecten bij hoge SES rokers dan bij lage SES rokers, waardoor ongelijkheden in roken en gezondheidsverschillen kunnen worden vergroot.”
Met andere woorden: het aantal rokers zal door nieuwe beleidsmaatregelen relatief sneller verminderen onder hogeropgeleiden dan onder lager opgeleiden. Maar dat het helpt om roken duurder te maken en op minder plaatsen te gedogen, staat als een paal boven water. Een goede tip voor de nieuwe regering, waar ze niet lang over na hoeven te denken, omdat hun achterban hen zal steunen. Uit onderzoek van Maurice de Hond blijkt namelijk dat de niet rokende Nederlanders in ieder geval ongedacht hun politieke partij te porren zijn voor een accijnsverhoging.