Overheid, stel strenge toelatingseisen aan nieuwe tabaksproducten als de HeatStick

donderdag 01 december 2016

OPINIE

Nederland heeft geen goedkeuringsprocedure of een vergunningsstelsel voor nieuwe tabaksproducten. Dat blijkt uit antwoorden van de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit op vragen van TabakNee. Dat is voor een schadelijk product als tabak hoogst ongewenst. De Europese wet biedt voldoende handvatten om ook in Nederland hiertoe over te gaan.

Door Frits van Dam

Deze week kondigde de directeur van Philip Morris International aan dat de tabaksfabrikant op termijn mogelijk wil stoppen met de productie van de gewone sigaret. Dit vooral ter promotie van de HeatStick, die in Nederland nog niet te verkrijgen is, maar mogelijk volgend voorjaar in de schappen ligt. Volgens de fabrikant is dit een net zo verslavende maar minder schadelijke sigaret, omdat de tabak niet verbrand maar verhit wordt. Zo stelt Philip Morris althans zelf. Er moeten apparaatjes aangeschaft worden, waarvan de kosten worden geschat op 75 euro en die iQOS heten (The Independent suggereert dat die afkorting voor ‘I Quit Ordinary Smoking’ staat). En er moeten aparte sigaretten aangeschaft worden die net zo duur zijn als een gewoon pakje sigaretten. De HeatStick is al een hit in Japan, volgens berichten van Philip Morris zelf.

Het klinkt natuurlijk geweldig: een minder schadelijke manier van roken. Maar waar is het bewijs? We weten dat de tabaksindustrie leugen op leugen te stapelt over de schadelijkheid van en de verslaving aan haar producten. Over de HeatStick weten we zeker dat het net zo verslavend is als een gewone sigaret, want er zit dezelfde hoeveelheid nicotine in. Ook weten we dat het nog altijd schadelijk is voor de gezondheid want dat zegt de fabrikant zelf ook. Maar hoe schadelijk is onduidelijk: niemand weet wat de lange termijn gevolgen zijn. In de woorden van longarts Wanda de Kanter: “Hoeveel doden vinden we acceptabel voor de toelating van een nieuw product op de markt?”

Geen vergunningsstelsel

Blijkbaar kan Philip Morris zo’n product gewoon lanceren. TabakNee vroeg aan de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit (NVWA), die belast is met de handhaving van de Tabaks- en rookwarenwet, welke regels daarvoor gelden. Een woordvoerder van de NVWA laat weten: “In Nederland geldt geen vergunningstelsel dan wel een goedkeuringsprocedure voor nieuw soortige tabaksproducten.” Wel wijst de woordvoerder erop dat nieuwe tabaksproducten moeten voldoen aan deTabaks- en rookwarenwet. Er zitten bijvoorbeeld maximale waarden aan bepaalde stoffen die in het product mogen zitten (denk aan teer en nicotine) en er mag geen reclame voor gemaakt worden. Daar heeft de marketingafdeling van Philip Morris een handigheidje op bedacht: de directeur maakte bekend dat de minder schadelijke Heatstick op termijn de gewone sigaret kan vervangen, waarna media over de hele wereld op het ‘nieuws’ sprongen, van de BBC tot de Telegraaf. Gratis reclame voor de HeatStick, verpakt in nieuws. (Lees in het AD de reactie van longarts Wanda de Kanter op het nieuws)

Kennisgeving

Waar moet een nieuw tabaksproduct precies aan voldoen? De woordvoerder van de NVWA: “Producenten en importeurs moeten de minister zes maanden voor de beoogde datum van het in Nederland in de handel brengen van dit nieuw soortige tabaksproduct in kennis stellen.” De gegevens die ingediend moeten worden bij deze kennisgeving staan in artikel 19 van de Europese Tabaksproductenrichtlijn (TPD) die per 20 mei van dit jaar is omgezet in nationale wetgeving. In dat artikel (pagina 25) lezen we dat tabaksproducenten uitgebreide informatie over het product moeten aanleveren: welke ingrediënten zitten erin, hoe moet het gebruikt worden, welke stoffen komen er vrij bij het gebruik? Daarbij moeten alle beschikbare wetenschappelijke studies worden aangeleverd over hoe giftig, verslavend en aantrekkelijk het product is. Ook moeten beschikbare studies worden aangeleverd over uitgevoerd marktonderzoek, welke doelgroep het product aantrekkelijk zal gaan vinden en de verwachtingen van lancering van het product op de markt.

Wie goed leest, ziet de woorden ‘beschikbaar’ en ‘wetenschappelijk’ eruit springen. Als er niets beschikbaar is, hoeft dat blijkbaar ook niet aangeleverd te worden. Je zou denken dat een product niet beoordeeld kan worden als er geen wetenschappelijk verantwoorde studies zijn en dat dit product dan niet op de markt kan komen. Wat wordt verstaan onder ‘wetenschappelijk’ is duidelijk: onderzoeken moeten minimaal in ‘peer-reviewed’ tijdschriften zijn gepubliceerd en de data moet door iedereen gecontroleerd kunnen worden. Als een van de toelatingseisen is dat de fabrikant gegevens moet aanleveren over lange termijn toxiciteit, kan het bovendien 20 jaar duren voor dat daar duidelijkheid over is. Afhankelijk van de uitkomsten van dit onderzoek zou de overheid een oordeel kunnen vellen of het tabaksproduct toegelaten kan worden op de consumentenmarkt.

Maar zoals de wetstekst er nu uit ziet, lijkt het alsof de minister van VWS de aangeleverde informatie alleen ter kennisgeving aan hoeft te nemen en verder en verder geen invloed heeft op de toelating op de markt. Volgens de Tabaks en rookwarenwet bepaalt de minister van VWS overigens wel of de informatie die wordt aangeleverd openbaar gemaakt mag worden. Als het om bedrijfsgeheimen gaat, hoeft dat niet. Dit opent de weg naar rechtszaken, zoals we eerder al betoogden in dit artikel.

Zelf systeem bedenken

Toch zou de minister van VWS wel degelijk de macht moeten kunnen hebben om een nieuw tabaksproduct tegen te kunnen houden. Volgens de Europese Tabaksproductenrichtlijn heeft een lidstaat bepaalde rechten: bij het ontvangen van alle bovengenoemde informatie mag de overheid om meer informatie vragen óf de fabrikant vragen extra tests uit te (laten) voeren. Lidstaten mogen volgens dit artikel ook zelf een autorisatiesysteem bedenken voor de toelating op de markt. En: “Lidstaten mogen importeurs of producenten van de nieuwe producten een redelijke heffing in rekening brengen voor die autorisatie.”

Maar wacht eens even, wat zei de woordvoerder van de NVWA ook alweer? “In Nederland geldt geen vergunningstelsel dan wel een goedkeuringsprocedure voor nieuw soortige tabaksproducten.” Dat zou dus volgens de Europese wetgeving wel mogen. Nederland heeft er blijkbaar voor gekozen om niet aan zo'n systeem te beginnen. Een gemiste kans. Met een autorisatiesysteem zou de reactieve opstelling van de overheid in een preventieve veranderen. En dat mag best, gezien de ruim 20.000 doden die er jaarlijks te betreuren zijn ten gevolge van het roken van tabaksproducten. Bovendien moet de industrie zelf voor zo’n autorisatiesysteem gaan betalen.

Het is een raadsel waarom de Nederlandse overheid geen autorisatiesysteem heeft ontwikkeld nadat de TPD in 2014 aan werd genomen in Brussel. Alleen op die manier kan de consument beschermd worden tegen nieuwe aanvallen op zijn gezondheid door de tabaksindustrie. Daarom moet er zo snel mogelijk een autorisatiesysteem worden opgezet voor de introductie van nieuwe tabaksproducten.

Met medewerking van Ivo van Woerden

UPDATE 27-12-2016: Medisch Contact publiceerde een pleidoor van Wanda de Kanter en Frits van Dam voor strenge toelatingseisen voor nieuwe tabaksproducten. Lees het artikel hier