Regering heeft nog steeds geen moeite met tabaksbeleggingen ABP

maandag 17 juli 2017

Onlangs gaf staatssecretaris Jetta Klijnsma ontwijkende antwoorden op Kamervragen van D66. Die vragen gingen over de tabaksbeleggingen van pensioenfonds ABP, concreet: over artsen die hierop tegen zijn maar noodgedwongen lid zijn van ABP. Klijnsma vindt net als haar collega staatssecretaris Martin van Rijn ruim drie jaar eerder dat deze pensioenreus genoeg doet om inspraak door haar leden te garanderen. Ze noemt tabak wel een “beleggingsdilemma”.
Door de webredactie

Op Wereld Niet Roken Dag (31 mei) gaf Jos Aartsen, bestuursvoorzitter van het Universitair Medisch Centrum Groningen, een interview aan BNR Radio. Daarin riep hij pensioenfonds ABP op om te stoppen met beleggingen in de tabaksindustrie. Hij gaf aan namens al zijn collega's in Universitaire Medische Centra te spreken. De dokters die daar werken zijn gedwongen hun pensioen onder te brengen bij ABP en worden dagelijks met de gevolgen van roken geconfronteerd.

Opvallend mild

Naar aanleiding van dit interview stelde D66-Kamerlid Van Weyenberg op 7 juni Kamervragen aan staatssecretaris Klijnsma (Sociale zaken en Werkgelegenheid) en aan de minister van Binnenlandse Zaken. De vragen van het Kamerlid waren opvallend mild geformuleerd, zoals bijvoorbeeld deze: “Deelt u de mening dat het begrijpelijk is dat sommige artsen niet in tabak willen beleggen?”, waarmee het Kamerlid feitelijk voorbij gaat aan de door Aartsen vertegenwoordigde achterban. 
Op 11 juli gaf Klijnsma antwoord, mede namens de minister. Ze schrijft: “In algemene zin willen werknemers in Nederland dat hun pensioenuitvoerder op hun ingelegde pensioenpremies op verantwoorde en duurzame wijze rendement maakt, zodat een goed pensioen wordt bereikt. Voor sommige artsen kan dat betekenen dat zij niet willen dat er in tabak wordt belegd.”

Buitenbeentje

Naast de onterechte suggestie dat deze artsen niet voor een goed pensioen zouden zijn, vergeet de staatssecretaris voor het gemak dat ABP onderhand een buitenbeentje is: andere pensioenfondsen, zoals bijvoorbeeld PGGM, zijn al gestopt met investeringen in de tabaksindustrie. Bovendien heeft ook het pensioenfonds van specialisten haar beleggingen in tabak al de deur uit gedaan. Zij vonden, net als het PGGM, dat beleggen in tabak niet bij hun beroepsethos past

De overheid kan er niets aan doen

Ook vroeg het D66-Kamerlid in hoeverre de Rijksoverheid in haar rol als werkgever het beleggingsbeleid van het ABP probeert te beïnvloeden, bijvoorbeeld over het uitsluitingsbeleid van het ABP (die tabaksbeleggingen onverlet laten). “De rijksoverheid is één van de vele overheids- en onderwijswerkgevers die is aangesloten bij het ABP”, is het nietszeggende antwoord. Oftewel, de overheid kan er niets aan doen...

Laatste vraag: in welke mate en hoe kunnen ziekenhuizen en andere deelnemers invloed uitoefenen op het beleggingsbeleid van ABP en is die invloed te vergroten? Klijnsma noemde de invloed die deelnemers van het ABP kunnen uitoefenen op het beleggingsbeleid van de pensioengigant “aanzienlijk” en refereerde onder andere aan de gesprekken die hebben plaatsgevonden tussen het ABP-bestuur en deelnemers over het “beleggingsdilemma” tabak. Gelukkig noemt ze het wel een dilemma. Maar verder dan dit gaat ze niet.

Geen nieuws onder de zon

Er is niets nieuws onder de zon, want begin 2014 stelde voormalig SP-Kamerlid Henk van Gerven min of meer dezelfde vragen als onlangs D66-Kamerlid Van Weyenberg. Van Gerven ging nog een stapje verder en vroeg het kabinet het ABP op te roepen te stoppen met haar beleggingen in de tabaksindustrie. Destijds was het staatssecretaris Martin van Rijn (Volksgezondheid) die mede namens minister van Financiën Jeroen Dijsselbloem antwoord gaf. “Pensioenfondsen, als het ABP, zijn zelf verantwoordelijk voor hun beleggingsbeleid”, schreef Van Rijn. Het ABP is een zelfstandige pensioenuitvoerder en geen onderdeel van de staat. En: "Beleggen in bedrijven die tabak produceren is in Nederland legaal. Het FCTC-verdrag (van de WHO/Verenigde Naties) heeft betrekking op overheden maar is niet van toepassing op zelfstandige ondernemingen. Het ABP-bestuur legt over het beleggingsbeleid verantwoording af aan de achterban en de stakeholders, waaronder de overheidswerkgevers. Het beleggingsbeleid wordt regelmatig besproken. Het kabinet ziet gezien bovenstaande geen reden een oproep te doen aan het ABP."

Ruim drie jaar later heeft het kabinet dus niets bijgeleerd en vindt het de opbrengst van accijnzen blijkbaar belangrijker dan de ruim 20.000 door roken veroorzaakte sterfgevallen per jaar in Nederland. Met dank aan de overheid kan het ABP rustig verder beleggen in het dodelijkste consumentenproduct ooit.